Zuid-Holland heeft met de grootste greenport ter wereld veel potentie voor efficiënt gebruik biomassa. Dit stelt advies- en ingenieursbureau DHV. Het bedrijf onderzoekt de haalbaarheid van bio-based oplossingen in de provincie en brengt de markt van vraag en aanbod en de daarbij behorende logistieke en financiële consequenties in kaart.
Zuid-Holland heeft een goed uitgangspunt om succesvol te zijn met een ‘bio-based economy’. De Rotterdamse haven importeert en exporteert enorme hoeveelheden fossiele en groene grondstoffen. De Zuid-Hollandse eilanden en het Groene Hart zijn grote producenten van akkerbouw- en veeteeltproducten en ten noorden van Leiden is een groot productiegebied van bloembollen.
Uniek
Aldert van der Kooij, projectleider bij DHV, stelt: "De Greenport Zuid-Holland is uniek in de wereld. Door de aanwezige kassen tussen de Rotterdamse haven en Schiphol, chemische industrie en voedselproducenten is er erg veel potentie voor de inzet van biomassa." De haalbaarheidsstudie naar de 'bio-based economy' start begin 2012. DHV is al langer in de regio actief op het gebied van biomassa en maakte onder andere een kansenkaart biogas, die weergeeft waar reststromen biomassa in de provincie vrijkomen.
De studie naar de 'bio-based economy' is onderdeel van de 'cross-over Bio-Based Economy' binnen de Economische Agenda Zuidvleugel, een plan van de bestuurlijke partners om de economische regio verder te ontwikkelen. De Zuidvleugelpartners zijn provincie Zuid-Holland, gemeente Rotterdam, gemeente Den Haag, Stadsregio Rotterdam, Stadsgewest Haaglanden, Holland Rijnland, Drechtsteden en Intergemeentelijk Samenwerkingsorgaan Midden-Holland (ISMH).