In de Nederlandse kassen ligt de productie van groenten en bloemen op een zeer hoog niveau. En nog steeds neemt het toe.
Maar niet alleen de productie stijgt, ook de kwaliteit van de producten verbetert nog steeds. Vooral door inzicht en onderzoek, maar ook door de ontwikkeling van nieuwe rassen en cultivars. Dit zal de komende jaren steeds belangrijker worden om de concurrentie (lees: het buitenland) voor te blijven.
Wij beschikken over een enorme hoeveelheid kennis, de handelskanalen zijn goed ontwikkeld en niet te vergeten kennen we in Nederland een gematigd klimaat. Door onder andere deze factoren kunnen we onze voorsprong behouden.
Er wordt veel over de ‘carbon footprint’ gesproken. Dit is de hoeveel kooldioxide die er vrijkomt bij het telen van een kilo tomaten inclusief verpakking en transport tot het moment dat het in het winkelschap ligt. Hoe lager dit uitkomt, des te gunstiger het is. Nederland kan hier ook goed scoren. Initiatieven als Het Nieuwe Telen bewijzen nu al dat het mogelijk is om met minder energie een goede kwaliteit en productie te leveren.
Maar dit is niet het enige wat belangrijk is. De consument wil ook dat het product goed houdbaar is en/of een uitstekende smaak heeft. De uitdaging blijft dus liggen om vooral op kwaliteit in te zetten.
Bron: Reed Business