In het Proof of principle-onderzoek bij GreenQ Improvement Centre combineren we verschillende inzichten om zo te bekijken wat er nog verder mogelijk is in de teelt van tomaat als het gaat om energie besparen. Er wordt in de proef gewerkt met een nieuwe belichtingsstrategie en er wordt minder CO2 gedoseerd. Deze week kwamen we bij elkaar met de begeleidingsgroep licht en hebben we stilgestaan bij ‘Het Nieuwe Belichten’.
Het hoofddoel van de proef is het besparen van 30% energie. Tegelijk willen we door de jaarwisseling naar het voorjaar een gezond gewas telen en een kwalitatief goed product leveren in vergelijking met een teelt in de praktijk. Dit willen we bereiken door de teelt niet te sturen met de temperatuur maar door de plantbelasting te sturen met de hoeveelheid licht.
Plantbelasting sturen
Rond de jaarwisseling moeten de plantbelasting en de maximale belichting in evenwicht zijn. Dit betekent dat als er in het begin van de teelt veel licht is, de temperatuur niet omhoog gaat maar dat het extra licht wordt weggeschermd. Bij toelating van het licht en de daarbij behorende temperatuur zouden er extra trossen worden gevormd die zorgen voor een te hoge plantbelasting bij de jaarwisseling.
Wij beschikken over een model dat aangeeft hoeveel licht er een volgende dag nodig is voor de plantbelasting van dat moment. Het buitenlicht wordt dan aangevuld tot die hoeveelheid. Door hiermee de belichting te sturen was het resultaat dat er rond de jaarwisseling een gewas stond dat, wat betreft de plantbelasting en de beschikbare hoeveelheid licht, in evenwicht was.
Ook de beoogde energiebesparing werd door het geprogrammeerd belichten gehaald. In het voorjaar hebben wij de regelmaat kunnen handhaven en de productie is nu ongeveer gelijk aan een vergelijkbare teelt zoals die bij Agrocare.
Stabiele groei
De laatste tijd is het evenwicht tussen de plantbelasting en het licht ver te zoeken. Omdat we besloten hebben niet meer te belichten, moeten we het aantal tomaten per tros beperken en zo nodig een hele tros wegnemen.
De regelmaat in temperatuur en het evenwicht in de plant zorgde voor een stabiele groei en een goede kwaliteit. Dit in tegenstelling tot de praktijk waar op veel plaatsen problemen waren met de kwaliteit van de eerste trossen.