Op de ficusbedrijven die ik de afgelopen weken heb bezocht, waren de lengtegroeimetingen zoals verwacht laag. Dit komt mooi overeen met het model. Ook voor de komende weken wordt nauwelijks lengtegroei voorspeld.
Uit de klimaatregistratie blijkt dat de afgelopen weken er lage nachttemperaturen zijn gerealiseerd bij kwekerij Esperit Plant en in mindere mate ook bij Loek Jansen, respectievelijk 15°C en 16,5 °C. Ter vergelijking, bij Zwethlande was de nachttemperatuur 17°C en Peeters 17,5-18°C. Op de bedrijven met de laagste temperatuur mat ik ook de minste lengtegroei. De absolute verschillen zijn trouwens maar 0,5 cm per week.
Kwaliteitsverlies
Het is de vraag wat de invloed van de lagere temperaturen is op de kwaliteit, met name op die van het ondergewas bij de grotere lengtematen. Ik verwacht bij hogere buitentemperaturen en een lage kastemperatuur (17°C) wel eerder slijtage van het ondergewas als gevolg van hoge luchtvochtig-heden in het ondergewas. Nu bij lage buitentemperaturen is dat niet aan de orde. Over die slijtage moeten we het nog maar eens hebben binnenkort in de groep.
Onderzoekers geven aan dat bladval mogelijk te maken heeft met assimilatengebrek, vergelijkbaar aan de bladval die optreedt bij een lange transportfase in het donker. Daarbij geldt dat hoe langer de duur en/of hoe warmer des te meer bladval. In het gewas heb je een lichtgradiënt, onderin is het erg donker. Daarbij klopt het dat het verschijnsel bij hogere temperaturen eerder optreedt: vanwege de hogere ademhaling valt de netto bijdrage eerder negatief uit.
Misschien kunnen we de komende tijd de logboekfunctie van het EZTP-systeem gebruiken om vast te leggen wanneer bladval/slijtage optreedt. Als we dan van een paar maanden van vier bedrijven gegevens hebben, kunnen we bekijken met welke omgevingsfactor die bladval verband houdt.